iPhone SE collage met verschillende apps

Opinie: Waarom Apple voorlopig niet stopt met 16GB iPhones

Apple kiest bij de iPhone SE opnieuw voor 16GB opslag als instapmodel. Waarom geen 32GB en waarom blijft Apple maar vasthouden aan die schamele 16GB?

iPhons SE spacegrijsOPINIE – Bij de pas aangekondigde iPhone SE heeft Apple opnieuw gekozen voor een instapmodel met 16GB opslag. Sinds 2011 kiest Apple voor toestellen van 16GB en vijf jaar later is dat nog steeds zo, ook bij het huidige toptoestel iPhone 6s. Waarom eigenlijk? En waarom gaat Apple daar echt niet mee stoppen? Dat lees je in dit artikel, dat deel is van een tweeluik: in een ander artikel vertellen we hoe je het maximale uit een 16GB iPhone haalt.

16GB als instapmodel

Sinds de iPhone 4s is 16GB het instapmodel, terwijl de ontwikkelingen niet hebben stilgestaan. Wat ons betreft is 16GB veel te weinig: als je regelmatig wat foto’s en video’s maakt neemt dat al zo’n 5GB in beslag, een paar muziekalbums en films opslaan is nog eens 3GB, de nieuwe TomTom-app met een paar offline kaarten is 2GB en als je podcasts luistert heb je nog eens 1,5GB nodig. Berichten-apps zoals iMessage en WhatsApp nemen inclusief media elk gemakkelijk 1GB in beslag. Daarmee zit de vrije opslagruimte al tjokvol en wordt het schipperen met ruimte.

Bekijk grafiek iPhone line-up voorjaar 2016.

Een iPhone met minstens 32GB opslag is ideaal, maar Apple geeft je die keuze niet. Als je het huidige iPhone-assortiment bekijkt dan is 32GB totaal verdwenen. De iPhone 6 is er nooit in 32GB-uitvoering geweest en de 32GB iPhone 5s is van de markt gehaald.

Je zult dus moeten doorsparen voor een 64GB-model en dat is precies wat Apple het liefst ziet.

16GB houdt de iPhone betaalbaar

Bij de introductie van een nieuw toestel zullen mensen met een beperkt budget toch maar kiezen voor 16GB. Ook al weten ze dat het eigenlijk onverstandig is. 16GB is het goedkoopste model en daarmee profiteer je van alle nieuwe functies, zonder dat je krom hoeft te liggen van de prijs.

Apple-marketingbaas Phil Schiller vertelde in juni 2015 waarom Apple de 16GB iPhones in het assortiment houdt: namelijk om producten betaalbaar te houden. Een lage instapprijs ziet er nu eenmaal goed uit op reclameborden en ander marketingmateriaal. Schiller vond het volkomen acceptabel: omdat steeds meer softwarediensten naar online servers verhuizen, is er minder behoefte aan lokale opslag, meende hij. Denk bijvoorbeeld aan muziek streamen: je hoeft bij de aanschaf van een iPhone niet meer rekening te houden met het meenemen van 10.000 favoriete muzieknummers. In plaats daarvan stream je ze gewoon via Apple Music, Spotify of een andere muziekdienst.

Meisje met iPhone en koptelefoon en Apple Music.

Helaas werkt het in de praktijk niet zo. Door nieuwe functies zoals 4K-video’s en Live Photos heb je juist méér behoefte aan opslag. De hoeveelheid foto’s in iCloud groeit alsmaar. Van een 16GB-model krijg je al snel spijt. Over iCloud gesproken: dat is een slecht alternatief, want de schamele 5GB opslagruimte is snel vol en extra opslag erbij aanschaffen is relatief duur.

Minder belangrijk: grootte van apps

iOS 9 app thinningEr zou nog een andere factor kunnen meespelen, namelijk dat apps gaandeweg steeds groter zijn geworden. Maar we hebben op de iCulture-redactie niet de indruk dat dat het geval is. Apple heeft in 2015 de maximale grootte van een app opgehoogd naar 4GB, maar je komt tegenwoordig nog zelden games tegen die groter dan 1GB zijn. Maatregelen zoals App Thinning en App Slicing zorgen ervoor dat apps juist kleiner zijn geworden. Het probleem is dan ook niet de app zelf, maar de hoeveelheid content die apps opslaan. Bij WhatsApp, Facebook, iMessage en andere veelgebruikte apps kan dat oplopen tot 2GB of meer.

16GB is gewoon slimme marketing

Apple wil een goedkoop toestel en doet alsof 16GB nog prima te doen is. Maar intern moeten ze zich ervan bewust zijn dat 16GB eigenlijk niet meer acceptabel is. Het is eigenlijk slimme marketing: het magere instapmodel dwingt mensen wel om toch maar voor het duurdere 64GB-exemplaar te kiezen. Als Apple voortaan 32GB als instapmodel zou aanbieden, dan zou een veel grotere groep klanten het 64GB-exemplaar links laten liggen. Het idee is dat klanten door de lage prijs de winkel in worden gelokt en uiteindelijk met een 64GB-model naar buiten lopen – waarbij ze meer geld uitgeven dan ze aanvankelijk hadden gepland.

Dat iPhones geen uitbreidingsslot voor geheugenkaartjes hebben, is logisch. Als je heel gemakkelijk het geheugen zou kunnen uitbreiden, hoef je de duurdere toestellen niet meer te kopen. Qua design zou Apple ook niet zo snel voor een geheugenkaartslot kiezen: hoe meer openingen in het toestel, hoe meer lelijke onderbrekingen van het design en hoe meer kans op defecten. Apple lijkt het aantal openingen juist te willen terugdringen, door bijvoorbeeld de koptelefoonaansluiting te laten vervallen.

16GB vervult een behoefte

Is 16GB altijd een slechte keuze? Nou nee. Als je een bedrijf hebt en overweegt om iPhones aan het personeel te geven, met de bedoeling dat ze het vooral gebruiken om te bellen en te e-mailen, is het 16GB-exemplaar voldoende voor licht-adminstratief werk. Personeelsleden gaan de iPhone toch niet gebruiken voor foto- en videobewerking en het opslaan van grote documenten. Lokaal bedrijfsdocumenten opslaan is niet handig, want als de iPhone zoekraakt of gestolen wordt is ook dat cruciale rapport verloren gegaan. Je loopt waarschijnlijk eerder tegen de maximale capaciteit van je zakelijke mailbox aan, dan tegen de maximale opslagcapaciteit van je 16GB iPhone.

Raar maar waar: 16GB is de beste deal

IHS berekent regelmatig wat de materiaalkosten van de iPhone zijn. Bij de iPhone 6s concludeerden ze, dat NAND-flashgeheugen een steeds kleiner aandeel in de totale productiekosten inneemt. De kosten ervan zijn zelfs te verwaarlozen. “NAND Flash is nu zo goedkoop dat het bijna irrelevant is”, schrijven de onderzoekers. “Maar Apple verdient aan consumenten door voor elke extra stap in opslagcapaciteit $100 extra te vragen.” In Nederland is dat trouwens ook zo: de 64GB iPhone SE kost €100 meer ten opzichte van het 16GB-exemplaar.

iPhone 6s teardown.

16GB flashgeheugen kost Apple nog geen $6 per toestel. Bij een 64GB iPhone liggen de kosten $17 hoger, maar Apple vraagt er $100 extra voor. “Dit is onderdeel van Apple’s voortdurende strategie om de winst te verbeteren”, meldt IHS, “door een productmix aan te bieden dat zwaarder steunt op high-end iPhones”.

Datzelfde geldt trouwens ook voor de toestellen met grotere schermen. Er zit $100 prijsverschil tussen de normale iPhone en het Plus-model. Maar IHS becijferde dat de grotere iPhone maar $15,50 duurder is om te produceren. De rest is pure winst.

"Eigenlijk wil Apple niet dat je het 16GB-model koopt."

Eigenlijk wil Apple niet dat je het 16GB-model koopt, want aan de grotere modellen valt meer te verdienen. Ga maar na: het prijsverschil tussen de goedkoopste 16GB iPhone 6s (€749) en de duurste 128GB iPhone 6s Plus (€1079) is maar liefst €330. Voor Apple zullen de productiekosten een paar tientjes verschillen. Eigenlijk zijn de grote iPhones met hoge opslagcapaciteit de slechtste deal. Als kanttekening: als je een ‘goedkope’ 16GB iPhone koopt en binnen de kortste keren met een onbruikbaar toestel zit omdat je opslagruimte steeds vol zit, is het alsnog een miskoop.

16GB werkt!

Er is een reden waarom Android-toestelmakers nauwelijks winst maken en Apple in het geld zwemt. Apple’s strategie werkt. De 16GB is niet aantrekkelijk en daarom geven klanten graag $100 extra uit voor een model met meer opslagcapaciteit. Ze moeten wel. En als je tegenwoordig een toestel via je provider neemt en per maand betaalt, wordt het prijsverschil van $100 over 24 maanden uitgesmeerd en merk je er nauwelijks iets van (providers rekenen tegenwoordig maandelijks een vast bedrag voor het toestel, bovenop de abonnementsprijs).

iPhone SE doosje

Apple maakt niet bekend hoe de verdeling is tussen verkochte toestellen, maar ze maken wel de gemiddelde verkoopprijs bekend. Daaruit is af te leiden dat er een trend is richting steeds duurdere toestellen. Uit de laatste kwartaalcijfers van Apple blijkt dat de gemiddelde verkoopprijs voor de iPhone $691 is. De 16GB iPhone 6s kost $649 in de VS, dus dat geeft aan dat Apple vooral duurdere iPhones verkoopt. De gemiddelde verkoopprijs wordt namelijk ook nog omlaag getrokken door oudere modellen die Apple in dezelfde periode nog in het assortiment had, zoals de iPhone 5s (vanaf $450) en iPhone 6 (vanaf $549). De gemiddelde verkoopprijs is de afgelopen tijd langzamerhand gestegen, dus het laat dat Apple’s aanpak werkt.

32GB kan zorgen voor meer blije klanten, maar…

Als Apple stopt met de 16GB iPhone en voortaan het instapmodel voorziet van 32GB opslag, leidt dat tot blije klanten en meer goodwill. Dat Apple toch voor 16GB blijft kiezen maakt duidelijk waar de prioriteiten liggen: op winst maken. Als Apple zou stoppen met 16GB iPhones en voortaan 32GB als instapmodel zou aanbieden, wordt het kiezen uit twee ‘kwaden’:

  • De prijs van het instapmodel moet omhoog. Dat willen ze liever niet, want Apple staat al bekend als een relatief dure fabrikant.
  • De kosten van het instapmodel gaan omhoog, want 32GB flashgeheugen inbouwen is duurder. Ook dat wil Apple niet, want dat heeft weer consequenties voor de winst.

Beide keuze zijn ongunstig voor de aandelenkoers, wat weer zal leiden tot een nieuwe golf van ‘Apple is doomed‘-verhalen. Daar komt nog bij dat Apple erop gebrand is om de komende tijd zoveel mogelijk toestellen te verkopen, om te laten zien dat de iPhone-verkoop écht niet over z’n hoogtepunt heen is. Een goedkoper uitgevoerd 4-inch toestel past in die strategie, want het is precies het juiste toestel voor gebruikers van oudere iPhones en Android-toestellen die willen overstappen. De iPhone SE wordt ongetwijfeld een succesnummer, maar 16 is niet het geluksgetal.

Suggestie hoe we dit artikel kunnen verbeteren? Laat het ons weten!

Informatie

Laatst bijgewerkt 23 maart 2016, 12:45
Categorie iDevices
Onderwerpen opslagcapaciteit, opslagruimte

Reacties zijn gesloten voor dit artikel.